[educatie] Afstudeerders, deel 2

Identiteit en tastbaarheid

7 september 2021 door Eva Zandkuijl

Op de grens van de anderhalvemetersamenleving en de hoopvolle terugkeer naar het oude normaal studeerde afgelopen weken een nieuwe lichting beeldmakers af aan de academies in Nederland. Alle studenten toonden hun werk coronaproof. Sommigen van hen slechts digitaal, anderen tijdens (aangepaste) exposities. In een serie artikelen lichten we een aantal opvallende afstudeerprojecten uit, en onderzoeken we hoe deze zich tot elkaar verhouden. Dit is deel twee.

Vergeten herinneringen

In het vorige deel van deze serie beschreven we al hoe eigen herinneringen een aanleiding kunnen vormen voor het maken van werk. Eigen herinneringen zijn zowel een dankbaar startpunt als een onderwerp, omdat ze deel uitmaken van je identiteit als maker en als persoon. Dat dit niet slechts beperkt blijft tot herinneringen aan gebeurtenissen uit je eigen leven toont Wumen Ghua (KABK). Wumen groeide op in Hulunbuir, China. Een belangrijke gebeurtenis in de geschiedenis van Hulunbuir, zo beschrijft ze, waren de gevechten van Khalkin Gol in 1939. Vaak vergeten door het Westen, speelden deze battles een belangrijke rol in het verdere verloop van de tweede wereldoorlog. De schilderijen waar Wumen mee afstudeerde verwijzen naar deze gebeurtenis, en naar haar afwezigheid in het dominante, historische narratief van de wereldgeschiedenis. Qua beeldtaal doet haar werk denken aan grotschilderingen, vooral de mensachtige figuren bevatten een bijna primitieve directheid. Gemaakt met olieverf in aardse kleuren en heldere lijnen van pastel zijn de werken letterlijk en figuurlijk gelaagd. Titels als I be long in between en Deity of inclusiveness lijken niet alleen te verwijzen naar de geschiedenis van haar voorouders binnen het grote geheel, maar ook naar haar eigen positie daarin.

Wumen Ghuo

Ook Amber Macnack (Artez) onderzoekt in haar afstudeerproject een deel van haar familiegeschiedenis. In een animatiefilm, die meer gevoelig dan letterlijk is, verbeeldt ze een Surinaams afscheidsritueel. Droomfiguren lopen door het beeld, gras waait heen en weer, een boom staat stevig geworteld in de grond. We horen Ambers familieleden vertellen. De combinatie van high en lowtech animatietechnieken nodigt uit tot vrij associëren. De landschappen bestaan voornamelijk uit grijstinten maar uit de stemmen spreekt een warmte. Het werk is eigen en innovatief.

The Year I Became a Tree – Laurence Herfs

Geworteld

Laurence Herfs (KABK) houdt zich in haar werk ook bezig met een gedeelde identiteit, zij het van een iets andere orde. In The Year I Became A Tree onderzoekt ze de transformatie van het vrouwelijk lichaam en geest na misbruik. In tekeningen en gedichten verweeft ze haar eigen ervaringen met vrouwelijke stemmen uit de geschiedenis en de mythologie tot een organisch geheel, met de boom als metafoor voor de verstarring die in het lichaam optreedt na ervaringen met seksueel geweld. Op een van de afbeeldingen wordt een vrouw verpletterd door boomwortels, in een ander werk is de stam deel van haar lichaam, dan weer is er een vrouwelijk lichaam verstopt achter blad. Het werk van Laurence is in stijl en thematiek ontzettend fijngevoelig. Het geheel is tegelijkertijd persoonlijk en universeel. Net als de wortels van een boom onder de grond onzichtbaar met elkaar verbonden zijn, beschrijft Laurence, zo zijn ook onze verhalen dat. We hoeven slechts de wortels bloot te leggen om onze stemmen collectief samen te kunnen verheffen. Met haar afstudeerproject doet Laurence vast een aanzet.

Tastbaar maken

Die menselijke stem is in het van afstudeerproject Laura van den Enden (KABK) erg letterlijk aanwezig. Stemmen zijn karakteristiek en bepalend voor het beeld dat wij van iemand vormen, maar het heeft geen fysiek. Hoe voelt een stem? In To Feel A Voice probeert Laura dit menselijke geluid te vatten in materie. Ze schreef gesprekken op, maar juist de lege ruimtes eromheen werden vormen. Haar werk bestaat uit geweven wandkleden De vormen, rechte lijnen en vakken, zijn zwart tegen een witte achtergrond. De techniek van het weven, heen en weer, doet denken aan geluidsgolven. Hangend in de ruimte nodigen de kleden uit tot aanraken, als een abstracte stem die vraagt om gevoeld te worden.

Laura van den Enden

Het tastbaar maken van iets dat in zichzelf geen materie heeft doet ook Mizuki Kimura (Artez). Geen stemmen, maar dromen vormen de aanleiding tot haar afstudeerwerk. Intuïtief zet ze om naar uitbundig kostuums, maskers en objecten. Er straalt een bijna kinderlijke fantasie vanaf. Tegelijkertijd hebben de kostuums, wanneer zij op de foto’s gedragen worden door Mizuki zelf, iets eeuwigs. De figuren die ze tekende op het stof doen vaag Egyptisch aan. De schilden in combinatie met de maskers hebben een rituele uitstraling, als van een oude volksstam. Spannend en vol onbekende symboliek doet haar werk aan als een verkleedpartijtje en high fashion ineen.